
Onderzoek naar B-cellen tijdens een behandeling met ocrelizumab
Nederlandse en Australische wetenschappers ontdekten dat het aantal B-cellen in het bloed tijdens een behandeling met ocrelizumab niet bij iedereen even snel weer toeneemt.

De aanwezigheid van de MS-verpleegkundige in het MS-zorgteam zorgt voor meer kennis over MS, multiple sclerose, bij mensen met deze aandoening. Dit is de conclusie van een Belgisch onderzoek.
De onderzoekers stuurden vragenlijsten naar mensen met MS over de invloed van de ziekte op hun leven en hun kennis over MS. De onderzoekers keken ook of deze deelnemers toegang hadden tot een MS-verpleegkundige.
Uit de resultaten van de vragenlijsten bleek dat mensen die met een MS-verpleegkundige konden spreken niet minder last van hun MS hadden dan mensen zonder toegang tot een MS-verpleegkundige.
Wel wisten mensen met MS die toegang hadden tot een MS-verpleegkundige meer over hun ziekte.
De onderzoekers benadrukken dat de MS-verpleegkundige belangrijk is in de zorg voor mensen met MS. Meer kennis over MS kan bijdragen aan betere zelfzorg en therapietrouw, wat op lange termijn positieve effecten kan hebben.

Nederlandse en Australische wetenschappers ontdekten dat het aantal B-cellen in het bloed tijdens een behandeling met ocrelizumab niet bij iedereen even snel weer toeneemt.

Nederlandse wetenschappers onderzochten een geheugentest die deelnemers via een smartphone maakten. Mensen met MS scoorden beter doordat zij de test vaker maakten. Dit kwam vooral door het oefenen en niet door veranderingen in de ziekte.

Nederlands onderzoek laat zien dat een oogstoornis die voorkomt bij MS, invloed kan hebben op de uitslag van sommige cognitieve testen.

Wetenschappers onderzochten hoe goed en veilig ocrelizumab werkt bij mensen met PPMS. Ze keken vooral naar het effect van de behandeling bij oudere mensen en bij mensen met veel lichamelijke beperkingen.