In het kort: 

  • Nederlandse onderzoekers wilden weten of mensen met MS die al langere tijd ocrelizumab gebruiken, nog elk jaar een MRI-scan nodig hebben. 
  • Ze bekeken 1.639 MRI-scans van 342 mensen met MS die ocrelizumab gebruikten. Ze onderzochten of er nieuwe ontstekingsactiviteit te zien was. 
  • Nieuwe ontstekingsactiviteit kwam maar weinig voor. Bij mensen zonder nieuwe of erger wordende klachten leidde een MRI-scan niet tot een andere behandeling. 
  • Volgens de onderzoekers hebben mensen met stabiele MS mogelijk minder vaak een MRI-scan nodig, vooral na de eerste 2 jaar van de behandeling. 
  • Meer onderzoek is nodig om te bepalen hoe vaak een MRI-scan precies nodig is en of dit ook geldt voor vergelijkbare MS-medicijnen. 

Weinig nieuwe ontstekingsactiviteit zichtbaar 

Mensen met die ocrelizumab gebruiken, krijgen meestal ieder jaar een . De neuroloog controleert op deze manier of er nieuwe ontstekingsactiviteit te zien is. Nederlandse onderzoekers wilden weten hoeveel nieuwe informatie deze jaarlijkse MRI-scan oplevert.  

De onderzoekers bekeken 1.639 MRI-scans van 342 mensen met MS die ocrelizumab gebruikten. Deze scans waren allemaal gemaakt als onderdeel van de gewone zorg. Op 29 MRI-scans was nieuwe ontstekingsactiviteit te zien. Dit was bij 23 mensen met MS. Nieuwe ontstekingsactiviteit had meestal geen invloed op de behandeling. Bij 3 mensen werd de behandeling wel aangepast. Deze mensen kregen ook nieuwe klachten. 

Na 2 jaar mogelijk meer tijd tussen MRI-scans 

De onderzoekers zagen ook dat de kans op nieuwe ontstekingsactiviteit op een MRI-scan kleiner werd als mensen langer ocrelizumab gebruikten. Vooral na 2 jaar behandeling werd de kans veel kleiner. Daarna waren steeds meer MRI-scans nodig om nieuwe ontstekingsactiviteit te vinden. Volgens de onderzoekers kunnen mensen met stabiele MS daarom mogelijk minder vaak een MRI-scan krijgen. Vooral na de eerste 2 jaar behandeling kan er meer tijd tussen de MRI-scans zitten. De onderzoekers vinden het belangrijk om de richtlijnen voor MRI-scans bij mensen met MS opnieuw te bekijken. In de eerste 2 jaar blijft het belangrijk om regelmatig een MRI-scan te maken. Dit is extra belangrijk als iemand nieuwe klachten krijgt of als bestaande klachten erger worden.  

Wat betekent dit voor mij?  

Is je MS stabiel en gebruik je al langer dan 2 jaar ocrelizumab? Dan hoef je in de toekomst mogelijk niet meer elk jaar een MRI-scan te laten maken. Wetenschappers willen meer onderzoek doen om te bepalen hoe vaak een MRI-scan nodig is tijdens een behandeling met ocrelizumab. Op dit moment krijgen mensen met MS voorlopig jaarlijks een MRI-scan.

Praat met je zorgverlener over vragen of twijfels. 

Hoe vaak jij een MRI-scan nodig hebt, hangt af van jouw situatie. Heb je twijfels of vragen over het maken van een MRI-scan? Bespreek deze dan met je neuroloog of MS-verpleegkundige. Lees hier hoe je gesprekken met je zorgverlener kunt voorbereiden en hoe je samen beslissingen kunt maken over jouw behandeling. 

Doe mee aan wetenschappelijk onderzoek naar MRI-scans.

Heb je MS? Dan kun je meedoen aan wetenschappelijk onderzoek. In het MSpine-onderzoek kijken onderzoekers met MRI-scans naar het ruggenmerg. Ze willen weten of er schade in het ruggenmerg te zien is, ook als iemand daar nog geen klachten van heeft. Ook onderzoeken ze hoe vaak dit voorkomt en of het nodig is om het ruggenmerg vaker met een MRI-scan te controleren. Je vindt hier het overzicht met alle onderzoeken waaraan je kunt meedoen. Bespreek deelname altijd met je neuroloog.   

Hoe kan ik ervaringen of vragen delen met anderen over mijn MS-behandeling? 

Wil je graag ervaringen of vragen delen over een MS-behandeling met anderen? Dat kan in de community van MS.nl. Bijvoorbeeld in de gespreksgroep MS-zorg en behandelingen

 

>Lees meer over het gebruik van een MRI-scan bij MS.  
>Lees meer over ocrelizumab.  

Meer over de achtergrond van het onderzoek 

Hoe is het onderzoek uitgevoerd?

De onderzoekers gebruikten gegevens van mensen met MS uit het Amsterdam MS Cohort. Deze mensen gebruikten ocrelizumab en hadden tijdens de behandeling minstens 2 MRI-scans van de hersenen gehad. De eerste scan moest minstens 3 maanden na de start van de behandeling zijn gemaakt. De onderzoekers bekeken alle MRI-scans en zochten naar nieuwe ontstekingsactiviteit. Ze keken of er nieuwe of groter geworden MS-laesies te zien waren in de hersenen. Sommige laesies worden zichtbaar op een MRI-scan na toediening van contrastmiddel.  

Daarna berekenden de onderzoekers hoeveel MRI-scans nodig waren om 1 scan met nieuwe ontstekingsactiviteit te vinden. Ook bekeken ze hoe dit veranderde naarmate iemand langer ocrelizumab gebruikte. 

 Wat zijn de beperkingen van het onderzoek? 
  • De onderzoekers gebruikten MRI-scans die al tijdens de gewone zorg waren gemaakt. De scans zijn niet allemaal opnieuw op dezelfde manier bekeken. Daardoor kan het zijn dat sommige ontstekingen niet zijn gezien. 
  • De MRI-scans zijn niet bij iedereen op hetzelfde moment gemaakt. Ook werd niet bij elke scan contrastmiddel gebruikt. Dit kan invloed hebben gehad op de resultaten. 
  • Na een aantal jaren waren er steeds minder MRI-scans beschikbaar. Daardoor zijn de resultaten over de langere termijn minder zeker. 
  • Het onderzoek ging alleen over ocrelizumab. Er is meer onderzoek nodig om te weten of deze resultaten ook gelden voor andere MS-medicijnen die op een vergelijkbare manier werken. 

Deskundigen dragen bij aan betrouwbare informatie op MS.nl.
Lees meer over hoe we als redactie keuzes maken.

Laatst bijgewerkt door redactie op: 8 oktober 2026