In het kort

  • Mensen met relapsing remitting MS die een terugval krijgen, stappen vaak over op een andere behandeling.
  • Vaak is dit een behandeling met een tweedelijns medicijn, zoals natalizumab of fingolimod.
  • Wetenschappers hebben onderzocht hoe goed deze twee medicijnen werken.
  • Het effect bij behandeling met natalizumab lijkt groter dan bij behandeling met fingolimod.
  • Deelnemers in het onderzoek die natalizumab gebruikten, hadden minder terugvallen en ervaarden minder beperkingen door MS. 

Tweedelijns behandeling bij RRMS

Mensen met relapsing remitting multiple sclerose, RRMS, kunnen bij het gebruik van eerstelijns medicatie een terugval krijgen. Deze groep stapt bij terugvallen vaak over op tweedelijns medicatie, zoals natalizumab of fingolimod. Deze medicijnen werken beter, maar de bijwerkingen zijn heftiger. > Bekijk meer over eerstelijns en tweedelijns medicatie

De werking van natalizumab en fingolimod

Wetenschappers hebben in een onderzoek het effect van natalizumab en fingolimod onderzocht. Dit deden ze met gegevens uit een wereldwijd register: de MSBase Registry. De wetenschappers gebruikten de gegevens van 2.000 volwassenen met RRMS. De ene helft gebruikte natalizumab. De andere helft gebruikte fingolimod. De onderzoekers vergeleken deze twee groepen met elkaar. 

Beter resultaat met natalizumab

De onderzoekers zagen betere resultaten van de tweedelijns behandeling bij de groep die was overgestapt op natalizumab. Bij deze groep zagen de wetenschappers:

  • minder terugvallen
  • een kleinere kans op een eerste, nieuwe terugval
  • een sterkere vermindering van de MS-beperkingen, als deze verminderden

De onderzoekers zagen geen verschil in de verergering van MS-beperkingen, als deze erger werden bij de twee groepen. Uit de vergelijking van de gegevens concluderen de wetenschappers dat natalizumab een beter resultaat laat zien dan fingolimod, wanneer mensen met RRMS overstappen van eerstelijns naar tweedelijns medicatie. 

Laatst bijgewerkt door redactie op: 28 maart 2024